Homilie Twaalfde zondag A 2026
Twaalfde zondag A Jer 20,10-13 Rom 5,12-15 Mat 10,26-33
In de tekst die we zojuist gehoord hebben, geeft de evangelist Matteüs aanbevelingen aan zijn gemeenschap, in het bijzonder aan de leerlingen die rondtrekken om het Evangelie te verkondigen. Deze perikoop volgt op een andere, waarin Jezus de moeilijkheden aankondigt die christenen daarbij mogen verwachten (verzen 16-25). Die gelijken op de tegenkantingen die Jeremia in de eerste lezing vermeldt: onrechtvaardige rechtsspraak, familiale spanningen, haat en laster. En alles duidt erop dat wat de evangelist zegt, zijn grond vindt in de ervaring van de eerste christelijke prediking. In deze context klinkt als een refrein de oproep: “Wees niet bang!”
Tegenover de weerstand die de verkondiging van het evangelie oproept bij anderen, staat de leerling voor een keuze: geeft hij toe aan de angst voor zijn lichamelijke veiligheid of vertrouwt hij zich zoals Jeremia of de psalmist toe aan God? “Vreest” hij Hem, dat wil zeggen: stelt hij zijn vertrouwen in Hem om zijn ziel niet te verliezen? Zorgt God immers niet voor de geringste van zijn schepselen? Heeft Hij geen aandacht voor mensen tot in de kleinste details (zelfs hun haren zijn geteld!), zoals een vader zorgdraagt voor zijn kinderen? Des te meer als iemand het risico neemt omwille van Hem en het Evangelie tegenspraak te verduren. Daarom de herhaalde uitnodiging niet toe te geven aan angst en vrees. Laat niet de angst jouw keuzes
Homilie Heilige Drievuldigheid 2026
Heilige Drievuldigheid 2026 Ex 34,4…9 2Kor 13,11-13 Joh 3,16-18
Het feest van de Drie-eenheid vieren is een belijdenis van ons geloof. Elk kruisteken, ieder christelijk gebed, dompelt ons onder in het mysterie van de Drie-eenheid. De Drievuldigheid is zowel een realiteit als een mysterie: ze omhult ons en doet ons leven. We kunnen ons alleen maar in gebed, smeekbede, stilte, aanbidding en dankzegging overgeven aan dit mysterie.
Als we het over de Drie-eenheid hebben, worden we
geconfronteerd met de radicale beperktheid van onze ervaring, met de grenzen van taal en begrippen, want God is het transcendente Wezen, de volstrekt Andere, de Heilige bij uitstek, degene die ons spreken
altijd overstijgt, een onpeilbare afgrond van leven en liefde. Toch wilde God niet ontoegankelijk en onkenbaar blijven. Hij heeft zich geopenbaard, dat wil zeggen dat Hij in ons een goddelijke ruimte
Homilie Tiende zondag A 2026
Tiende zondag A Os 6,3-6 Rom 4,18-25 Mt 9,9-1
Zoals bij alle uitingen van menselijke cultuur moet men in de religie onderscheid maken tussen echtheid en onechtheid, authenticiteit en huichelarij. Profeten, zoals Hosea in de eerste
lezing, waarschuwen voor een oppervlakkige godsdienstigheid die kort van duur is, als een ochtendmist die bij de eerste
zonnestralen verdwijnt. Offers opdragen aan God kan een uiting zijn van het ego, om God om te kopen en voor zijn karretje te spannen. God schept echter meer behagen in duurzame trouw en waarachtige godskennis. Volgens de zestiende-eeuwse mysticus,
Johannes van het Kruis, is alleen het pure geloof de meest
veilige, zekere en integere verwelkoming van God. Alleen dat pure geloof is in staat de mens met God te verenigen.
Homilie Vijfde Paaszondag A 2026
Vijfde Paaszondag A Hand 6,1-7 1Petr 2,4-9 Joh 14,1-12
Als we Lucas in de Handelingen van de Apostelen horen vertellen van interne spanningen rond de voedselverdeling in de eerste gemeenschap van Jeruzalem, voelen we ons onmiddellijk op ons gemak. Reeds enkele weken na de verrijzenis wordt er ruzie gemaakt! De idyllische beschrijving van de eerste kerk van
Jeruzalem zou ons kunnen ontmoedigen als er niet die toets van realisme was, waar we in onze eigen kerk maar al te vertrouwd mee zijn, dat mensen die het niet met elkaar eens zijn.
Niet alleen de discussie rond de voedselverdeling, maar ook de moeilijkheden en weerstanden om het Woord te geloven en te gehoorzamen, waarvan de eerste Petrusbrief getuigt, en de vragen die Thomas en Philippus in het Evangelie van Johannes aan Jezus stellen, brengen ons dichter bij de realiteit die de onze is, die we in onze kerk en onze gemeenschappen gewend zijn:
namelijk die van uiteenlopende standpunten, van twijfels en geschillen. Hoe frustrerend en irriterend ook, ze horen bij de
realiteit van ons mens-zijn. En er is veel liefde en geduld, maar ook onderscheiding en humor nodig, om je er niet door te laten overweldigen en ontmoedigen.
Homilie Vierde zondag van Pasen A 2026
V
Vierde zondag van Pasen A Hand 2,14a.36-41 1Pe 2,20-25 Joh 10,1-10
Van de aansporing uit Handelingen: “Redt u uit dit ontaarde geslacht” (Hand 2,40) loopt er een lijn naar het citaat uit de eerste Petrusbrief: “Gij waart verdwaald als schapen maar nu zijt ge teruggekeerd naar de herder en hoeder van uw zielen” (1Pe 2,25). Deze lijn mondt uit bij de beelden waarmee Jezus zich vandaag in het Evangelie openbaart: die van de ware herder en van de deur die leidt naar redding en leven in overvloed. Een deur markeert altijd de grens tussen twee ruimten, tussen een buiten en een binnen, tussen onveilig en beschermd, tussen reddeloos en redding. Gemakshalve situeren we ons aan de goede kant van de deur. En misschien is dat ook zo. Belijden we Jezus Christus niet als onze Heer, zijn we niet in zijn dood gedoopt en delen we niet in zijn verrijzenis? “Wat je wilt worden, dat ben je al in hoop”, zei de heilige Augustinus. Bevinden we ons dan niet aan de goede kant van de poort die toegang verschaft tot de Vader en tot het Koninkrijk? We kunnen het alleen maar hopen.
Homilie Derde Paaszondag A 2026
Derde Paaszondag A Hand 2,14.22-28; 1Petr 1,17-21; Lc 24,13-35
Automobilisten onder u weten hoe belangrijk het is bij een kruispunt de juiste afslag te nemen. Als je op de ringweg rond Parijs een verkeerde keuze maakt, loop je het risico vele kilometers te moeten omrijden. Ieder kruispunt betekent het maken van een keuze. Is ons leven geen aaneenschakeling van kruispunten en dus van het maken van keuzes? In de middeleeuwen plaatste men op een kruispunt vaak een kruis. De reiziger kon bij dit kruis bidden en hulp vragen de juiste keuze te maken. Met de ontvangen onderscheiding kon hij dan zijn weg vervolgen. Vandaag zien we bij kruispunten vooral veel bewegwijzering. Zijn we het verleerd God te betrekken bij onze keuzes? Kruisen langs de weg staan nu vaak waar er slachtoffers gevallen zijn. Die herinneren ons alleszins aan de risisco’s van de weg.