Homilie voor de tweede zondag door het jaar C 19 januari 2025
Homilie voor de tweede zondag door het jaar C 19 januari 2025
‘Kruiken’ om te vullen met liefde en ons te reinigen van eigenliefde
Doet maar wat Hij u zeggen zal.
In het evangelie van Johannes lezen we
dat wat Jezus zegt waarheid is en woorden van eeuwig leven bevat. Hij zegt wat de weg is, die naar het echte leven leidt,
naar een leven in eenheid met God en met mensen, naar een leven van volkomen vrede en vreugde.
En Hij zegt ons dat die weg de weg van de liefde is.
Het zijn Gods woorden die Jezus spreekt,
de woorden die God Hem gegeven heeft om te verkondigen. Hij zegt niet wat Hij wil, maar wat Hij moet zeggen.
Maar Hij wil dat ook, want zijn wil is deze van de Vader. We bidden dat Gods wil zou mogen geschieden
in ons leven en op deze aarde.
Maar is onze wil wel deze van de Vader, luisteren we wel naar Gods woorden
en hebben we er wel voldoende vertrouwen in
zodat we ze laten geschieden, zo, dat we er aan gehoorzamen? Kunnen we wel zeggen zoals Maria: Mij geschiede naar Uw woord. Laten we ons wel door Gods woorden leiden? Door Gods wil?
Laten we toe dat Gods woord in ons geschiedt,
dat God in ons en met ons en door ons aan het werk is? Zijn we wel zo meewerkend als de dienaren van Kana?
Homilie voor het hoogfeest van de Openbaring van de Heer 5 januari 2025
Homilie voor het hoogfeest van de Openbaring van de Heer 5 januari 2025
Met de opening van de Heilige Deuren van de Sint-Pietersbasiliek in Rome
op kerstavond door paus Franciscus begon het Heilig Jaar of Jubeljaar 2025. Hij kondigde dat Heilig Jaar af op 9 mei 2024,
op het hoogfeest van de Hemelvaart van de Heer
met een herderlijk schrijven, een bulle, getiteld Spes non confundit,
een zinsnede uit de brief van Paulus aan de Romeinen:
5, 5 En de hoop wordt niet teleurgesteld, want Gods liefde is in ons hart uitgestort
door de heilige Geest die ons werd geschonken.
Paus Franciscus, die in zijn schrijven stelt
dat de hoop in ieder Heilig Jaar centraal staat, wou dit deze keer zeer duidelijk maken
door als thema van het Heilig Jaar te kiezen voor Pelgrims van Hoop.
Het lijkt voor de hand te liggen om ook de wijzen uit het oosten,
die in de evangelielezing van dit hoogfeest blijkbaar de hoofdrol spelen, als pelgrims te zien en hen ook te bestempelen als ‘pelgrims van hoop’. Pelgrims of bedevaarders trekken naar een welbepaalde plaats,
een heilige plaats, een bedevaartsoord.
Homilie voor het hoogfeest van Allerheiligen
1 november 2016
Door het gegeven dat we in de Rooms-Katholieke kerk mensen heilig verklaren,
zouden we wel eens kunnen denken dat ‘heilig worden’
iets is dat weggelegd is voor buitengewoon bijzondere mensen
die door God op een buitengewoon bijzondere manier begenadigd zijn geweest
en dus geen ideaal is dat wij kunnen nastreven.
Vanaf de 15de eeuw tot na het Tweede Vaticaans concilie
leefden we in de onzalige tijd waarin vanuit dat denken ook verkondigd werd
dat het verlangen om heilig te worden als pretentieus zondig diende veroordeeld te worden
zoals ook het verlangen naar mystieke eenheid met God.
God verleende die gunst alleen aan enkelen
zoals Hij ook alleen Maria van Nazaret tot moeder van Christus geroepen had
waardoor Maria inderdaad de ‘gezegende boven alle vrouwen’ werd
en niet langer de ‘gezegende onder de vrouwen.’
Het is tijd om dat onzalig denken los te laten.
Homilies voor de 14' zondag door het Jaar C
3 juli 2016
'Vrede' is het belangrijkste woord van de eucharistieviering.
'Vrede' is eigenlijk hét thema van de eucharistieviering.
De vredewens moet na het kruisteken het eerste woord zijn.
We gebruiken er de vredewens waarmee Paulus zijn brieven begint:
Genade zij u en vrede van God onze Vader en van de Heer Jezus Christus.
En 'vrede' is letterlijk het laatste woord van de viering:
Gaat nu allen heen in vrede.
Om vrede bidden we in de eucharistieviering:
Heer Jezus, geef vrede in uw Naam.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld. Geef ons de vrede.
De vrede wordt ons in de viering ook toegewenst.
Iedere eucharistieviering moet uiteraard een vredevol samen zijn zijn.
We vragen ook om vergeving,
dat de Heer ons zou bevrijden van alles wat onze vrede verhindert of stuk maakt.
Homilie voor de 12' zondag door het jaar C
19 juni 2016
De Joodse filosoof Martin Buber zei ooit:
“Succes is geen naam van God.”
Toch is God lange tijd een succesverhaal geweest
en de Kerk heeft van het succes van God geprofiteerd
om haar bezit, macht en aanzien te vermeerderen.
Ook nu nog zijn er mensen werkzaam in de Kerk,
mannen zowel als vrouwen, leken zowel als gewijde ambtsdragers, die van succes dromen,
een wondermiddel om weer ‘veel volk in de kerk’ te krijgen,
een catechese die jongeren echt enthousiasmeert
en hen voor jaren tot trouwe aanhangers van ons initiatief maakt.
Maar is men zoekend naar dat wondermiddel
en naar die wondercatechese en wonderverkondiging wel met God bezig?
Homilie voor de 24 de zondag door het jaar B
13 september 2015
In de zondagsvieringen van dit liturgisch jaar, het zgn. B-jaar,
lezen we meestal uit het Marcusevangelie.
Dat is het oudste evangelie, geschreven rond het jaar 65, waarschijnlijk in Rome.
Er is een theorie die zegt dat het geschreven is
om zonder onderbreking voorgelezen te worden.
Het bevat tenslotte maar 622 verzen en een vlotte lezer doet daar 40 minuten over.
Het zou kunnen geschreven zijn voor de kerk van Rome
om tijdens de paasnacht dus in zijn geheel voorgelezen te worden.