Tekst en Onderricht op 16 juni 2026
Onderricht op 16 juni 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
Ons gebed en onze beleving ervan en ons mediteren en onze beleving daarvan,
staan niet los van ons ‘leven’ en worden er door gekleurd.
Ons leven is een verhaal.
Ieder mens is een uniek verhaal,
een unieke complexiteit van ervaringen.
Willen we iemand echt kennen en dus weten wat iemand beweegt en bezielt, dan moeten we het verhaal achter de persoon kennen, het beluisteren.
In dit verhaal steken ongetwijfeld schitterende ervaringen, maar ook verschrikkingen die littekens nalaten.
Ieder mens draagt littekens.
tekst en Onderricht 2.6.2026
Open Contemplatief Huis
Leerhuis voor Christelijke Meditatie
Onderricht 2.6.2026
‘Vaste regelmaat voert naar diepgang’ Michael Casey
De gedachte “Vaste regelmaat voert naar diepgang” loopt als een rode draad door Naar God, maar één hoofdstuk brengt dit thema het duidelijkst en meest expliciet naar voren. Hoofdstuk 3 – Regelmaat en ritme van het gebed (vaak getiteld als Discipline, Regelmaat, of Het ritme van de praktijk)
Waarom precies dit hoofdstuk?
• Casey legt daar uit dat regelmaat niet moralistisch is, maar een spirituele structuur die het hart ontvankelijk maakt.
• Hij beschrijft hoe dagelijkse trouw belangrijker is dan intensiteit of emotionele ervaring.
• Hij verbindt regelmaat met stabilitas uit de monastieke traditie: blijven, terugkeren, volhouden.
• Hij benadrukt dat diepgang ontstaat door herhaling, eenvoud en beschikbaarheid, niet door uitzonderlijke momenten.
Het is precies in dit hoofdstuk dat Casey zijn centrale intuïtie ontvouwt: regelmaat is de stille motor van innerlijke transformatie.
Aanvullend: waar vind je echo’s van dit thema nog meer? Hoewel hoofdstuk 3 het zwaartepunt vormt, duikt het thema op in:
Tekst en Onderricht op 21 april 2026
Onderricht op 21 april 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
Casey stelt dat mediteren het gevaar loopt
een achtenswaardig modeverschijnsel te worden,
vooral dan bij mensen die hun spirituele weg graag zelf in elkaar steken. Hoe aantrekkelijk het voor dezen kan zijn,
hoe te geëxalteerd meditatie lijkt voor anderen.
Maar meditatie is als ademen, in de zin van niets doen, niet iets doen wat aan te leren is,
waar bijzondere vaardigheden of talenten voor nodig zijn. Maar als je dat niets doen goed wilt doen,
dan doe je het best uit liefde tot God, om Hem te zoeken,
of beter, om Hem de kans te geven jou te vinden en te transformeren.
tekst en Onderricht op 5 mei 2026
Onderricht op 5 mei 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
Het gebed en het contemplatieve leven - zowel bij religieuzen als bij ‘leken’ –
vraagt inspanning, trouw, moeite en discipline en biedt eigenlijk weinig vertroosting.
Maar soms kan er een heel vreugdevolle en inspirerende ervaring optreden
en ook, de transformerende werking van het gebed – de vruchten van het bidden –
wordt pas na enige tijd duidelijk.
M.b.t. het gevoelsleven kan het gebedsleven ons met twee extremen confronteren: ontevredenheid, dorheid en weerzin en tevredenheid, vrede en enthousiasme.
Geïnspireerd door de karmelietes Ruth Burrows kunnen we spreken van ‘light off’ en ‘light on’ tijden, hetgeen we in het dagelijks leven ook ervaren. in ons werken en in ons omgaan met mensen.
Tekst en onderricht 7 april 2026
Onderricht op 7 april 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
In zijn beschouwingen over het contemplatieve leven en gebed
wijst Casey ons verder op verbindingslijnen tussen lectio divina en meditatie. Lectio divina biedt ons gedachten aan,
gedachten die niet zijn zoals de verstrooiende gedachten tijdens meditatie.
Want ze worden niet aangeleverd door een angstig, bezorgd, plannend of dromend ik, ontstaan niet in onze onrustige geest.
Het zijn waardevolle gedachten die ons innerlijk voeden.
William de Saint-Thierry omschrijft ze als stukjes om heel de dag op te knabbelen,
te herkauwen, in de taal van het contemplatieve gebed ‘ruminatio’ genoemd. Ze kunnen soms heel aangepast zijn aan een situatie waarin we verkeren, aan droefheid of angst, aan vreugde of dankbaarheid, aan lijden of bevrijding. Die gedachten bevatten waarheden, niet om over te praten en te discutteren.
Het zijn existentiële waarheden die ons gelovig leven op weg kunnen zetten of het kunnen vernieuwen.