Lezing en onderricht november 2024
OPEN CONTEMPLATIEF HUIS OOSTENDE
LEERHUIS VAN DE CONTEMPLATIEVE DIALOOG 2024-2025
DE KRACHT VAN DE CONTEMPLATIE - IN DE STILTE GENEZING VINDEN
De grote leermeesteres van de contemplatie is de natuur.
Met haar schoonheid en diversiteit nodigt de natuur ons uit om haar waar te nemen. Elk blad, elke vogel en elke bloem verwijzen ons door hun ‘zijn’
naar de tegenwoordigheid van God.
Heel de natuur is een lofprijzing voor de Schepper.
Zij bezit een in zichzelf rustende grote kracht
waarvan de goddelijke oorsprong streeft naar ontplooiing.
Deze goddelijke oorsprong en het verlangen naar ontplooiing typeert ook de mens.
Zo kan de natuur in de mens laten resoneren en weer toegankelijk maken wat in hem zelf aanwezig is.
Dit gebeurt echter niet automatisch
omdat de natuur zich als leermeesteres van de contemplatie niet aan de mens opdringt.
Lezing 24 september 2024
DE KRACHT VAN DE CONTEMPLATIE - IN DE STILTE GENEZING VINDEN
24 september 2024
CONTEMPLATIE een geschenk van God
Contemplatie is niets anders dan een verborgen,
vrede- en liefdevol binnenstromen van God. (Johannes van het Kruis) Contemplatie is de benaming voor de christelijk-mystieke weg.
Onder mystiek verstaan we het streven naar verbinding met het goddelijke zijn.
Deze verbinding ontsluit zich op deze weg niet via verstandelijke inzichten maar door innerlijke ervaringen en het rechtstreeks beleven.
Contemplatie wordt beschouwd als een geschenk van God waarover de mens wikt noch beschikt.
In het laten-geschieden en op-zich-in-laten-werken
neemt de mens op wat is en laat daarbij wil, verstand en gevoel tot rust komen. Velen leiden daaruit af dat contemplatie iets passiefs is.
Men neemt echter geen passieve houding aan maar een houding die bereid is tot opname
waarbij men klaarwakker en met levendige interesse en ononderbroken aanwezig blijft en waarneemt wat hier en nu gebeurt.
De aandachtige en God toegewende houding die verzoent en bereid is lijden te doorstaan effent het pad van de contemplatie.
‘Contemplatie’ stamt uit het Latijn, van con (met) en templum (een afgebakend heilig gebied) Contemplatie betekent dat men zelf tot dit heilig gebied, Gods woning, wordt.
Tekst enOnderricht op 3 maart 2026
Onderricht op 3 maart 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
Er is een zenboeddhistisch gezegde dat leert:
“Gedraag je als je alleen bent alsof je samen bent
en in het gezelschap van anderen, gedraag je alsof je alleen bent.”
Bedoeld wordt ongetwijfeld: wees steeds jezelf.
Maar iedereen weet dat we ons in verschillende omstandigheden,
in wisselende situaties en in het bijzijn van telkens weer andere mensen heel anders kunnen gedragen, soms compleet anders!
Anders uitgedrukt: andere omstandigheden, situaties en gezelschappen brengen soms andere aspecten van onze persoonlijkheid aan het licht of roepen verborgen eigenschappen en talenten tot leven.
tekst en Onderricht op 17 maart 2026
Onderricht op 17 maart 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
Er is bij veel mensen een sterke interesse voor gebeds- en meditatietechnieken.
Uit die interesse spreekt een gerichtheid op ‘resultaten’,
een zekere vorm van prestatiegerichtheid
en het verlangen om het gebed te ‘beheersen’, de regie in eigen handen te houden.
Wat in dat alles wel op begrip en goedkeuring kan rekenen
is het ontwikkelen van vaardigheden om aandachtiger aanwezig te zijn,
om ‘met ons hart onverdeeld aanwezig te zijn bij’.
Om die vaardigheid verder te ontwikkelen
is eveneens lectuur en Schriftlezing aangewezen, eerder dan TV kijken of luisteren naar podcasts… En omgekeerd heeft onze leestijd alle voordeel bij een ontwikkeld vermogen tot aandacht.
Tekst en Onderricht op 3 februari 2026
Onderricht op 3 februari 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.
Sommige mensen houden
als ideaal van een volmaakt spiritueel mens
iemand voor ogen die zich niet laat ‘intimideren’
door eigen gedachten en vooral niet door eigen gevoelens
en eigenlijk zowat min of meer gevoel- en gedachteloos door het leven zou gaan.
En deze ‘deugd’ zou dan zeker aanwezig dienen te zijn bij het bidden
en het doel van mediteren zou dan het bereiken
van zo’n deugdzaam innerlijk zijn.
Zo’n mensen doen denken aan een personnage
uit de roman van Umberto Eco, De Naam van de Roos, namelijk de benedictijnermonnik Jorge van Burgos, die de stelling verdedigt dat Jezus nooit gelachen heeft
en dat het voor spirituele mensen ook niet betaamt te lachen of zich met literatuur over lachen en humor bezig te houden.
Het nastreven van een dergelijk ideaal