Homilie Zesde zondag A 2026

Foto 2 klein br. Guerric met St Bernardus

Zesde zondag A Sir 15,15-20    1Kor 2,6-10    Mt 5,17-37

Jezus Christus, de Zoon van God, is in de wereld gekomen om ons de wijsheid van God te onderrichten. De wijsheid van God, dat is de Heilige Geest die zich wil hechten aan ons geest, en ons hart in vlam wil zetten om te branden van liefde. Want God is liefde en alleen door te branden van liefde worden wij één met Hem en één in onszelf.

Het is duidelijk dat Jezus zijn toehoorders op een hoger niveau wil tillen dan dat van loutere uitvoerders van voorschriften. Hij wil tonen wat geen oog heeft gezien; Hij wil laten horen wat geen oor heeft gehoord; Hij wil iets geven dat nog niet in de geest van de mens is opgekomen: namelijk de Heilige Geest van liefde die God heeft bereid voor wie Hem liefhebben. Deze Heilige Geest die zich hecht aan onze geest, is als een licht die de bodem van ons hart onderzoekt, die alle dingen tot zelfs de diepten van God doorgrondt.



In het hart van de mens, in zijn geest, bevindt zich het geweten en de vrijheid om keuzes te maken. De mens is niet volledig gedetermineerd. De Schepper heeft de mens de vrijheid gegeven zijn hand uit te strekken naar het water of naar het vuur, naar het leven of naar de dood. God respecteert die keuze en dwingt ons niet, maar Hij ziet alles. Zijn blik is vooral gericht op wie Hem vreest, dit wil zeggen wie Hem probeert lief te hebben en zijn naaste probeert lief te hebben.

Het verschil tussen water en vuur, tussen leven en dood, is niet het verschil tussen goed en kwaad. Nergens in het Evangelie toont Jezus zich een moralist, iemand die met een wijzend vingertje zegt: “dat mag niet” en “dat moet wel”. Zijn Bergrede waar we vandaag een stuk uit voorlazen, kent een heel andere dynamiek. Hier is niet de moralist aan het woord maar de Messias. Van de Messias wordt verwacht dat Hij een vernieuwde Thora brengt, Zijn Thora, de Wet van Christus, die de wet van de liefde en van de vrijheid is. “Voor die vrijheid heeft Christus u
vrijgemaakt”, horen we Paulus aan de Galaten zeggen, “houdt dus stand en laat u niet opnieuw een slavenjuk opleggen” (Gal 5,1).
Alleen de Heilige Geest maakt vrij, vrij ten opzichte van alle andere vormen van menselijke wijsheid. De hele casuïstiek van de farizeeën en Schriftgeleerden wordt door Jezus op de helling

gezet. Zijn “Thora” is nieuw en is anders en toch “vervult” ze de Thora van Mozes. Want God is trouw aan Zichzelf. Geen jota, geen haaltje van de Wet mag verloren gaan. Jezus is niet gekomen om Wet en Profeten op te heffen maar om ze te vervullen. Vullen met wat? Met Zichzelf!

“Gij hebt gehoord dat er gezegd is, maar Ik zeg u”: met die antithese schept Jezus een tegenstelling tussen de oude wet van Mozes met haar casuïstiek, en de nieuwe Wet van de liefde en de vrijheid. Het “Ik” van Jezus klinkt met een gezag dat geen leraar of moralist zich kan toe-eigenen. Jezus spreekt met het hoogste gezag, dat van God zelf. En de nieuwe Wet van Christus betekent niet minder, maar juist méér gerechtigheid. Niet alleen “niet
doden”, maar de niet-verzoende broeder met verzoening tegemoet treden. Niet alleen “geen echtbreuk plegen”, maar je hart zuiveren van alle onreine gedachten. Niet alleen “je beloften waarmaken”, maar je woorden zonder bijbedoelingen laten overeenstemmen met je diepste intentie. Dit hoge ethos dat Jezus hier verwoordt, is dat realistisch? Kan men zo leven?

Het antwoord is nee als men dit probeert te doen vanuit eigen kracht. Het antwoord is ja als men leeft vanuit de Geest. Als men de Heilige Geest de leiding over zijn hart toevertrouwd, als de Heilige Geest zich hecht aan onze geest, aan ons diepste centrum en dat in vuur en vlam begint te zetten, dan gaan we radicaal anders denken en doen. Dan worden we barmhartig, zachtmoedig en vredelievend. Dan worden we zoals Jezus, één met zijn liefde, een mens-voor-anderen, mensen uit één stuk, een nieuwe schepping. Zoals de liefde voor Jezus van de Indiase profeet van de geweldloosheid, Mahatma Gandhi, precies berustte op deze teksten uit de Bergrede, zo zal ook onze liefde berusten op het goddelijk principe van de “hogere gerechtigheid” die in Jezus Christus haar profeet en haar hoogste vervulling vindt.

Broeder Guerric ocso    Abdij van Prébenoît